Ardennenweekend

Ardennenweekend

We gingen op weekend met vrienden, en ik breng een gedetailleerd verslag uit!

Vrijdag

06:30

Ik doe mijn ogen open en kijk op de wekker in de hoop dat ik toch een beetje heb kunnen uitslapen. Nee hoor, het is nog maar half zeven. De migraine van gisterenavond is duidelijk nog niet weg. De moed zakt me in de schoenen. Kan ik nu nooit eens op een normale manier, zonder kwalen op weekend vertrekken? Ik kijk er echt naar uit om mijn vrienden te zien, maar het is ook zo dubbel. Ik weet dat ik niet om 22 uur zal gaan slapen en dat ik me weer veel te hard zal forceren. Ik weet hoe slecht ik me daardoor zal voelen. Daar kijk ik niet naar uit.

17:00  

We zijn aangekomen in het huisje, als eerste. De autorit heeft me al zo uitgeput dat ik ter plekke in slaap kan vallen. Ik neem een pijnstiller in een poging om mijn bonkende hoofd tot bedaren te brengen. Straks zal het hier heel wat minder rustig zijn. Vechtend tegen de slaap wacht ik op de anderen. Het weekend kan beginnen!

04:00  

Ik kan niet meer. Ik heb me tot het uiterste gedreven, heb vrolijk gedanst, gelachen en gepraat. Ik heb een fantastisch leuke avond (en nacht) gehad. Toch vraag ik me af of ik er wel goed aan doe om zo laat op te blijven en mee te dansen met de rest alsof er niets aan de hand is. Daar is het weer, het masker. Niemand ziet dat ik intussen nét niet omval van uitputting. Maar ik voel het. Ik weet, ik ga het mij beklagen achteraf.

Ik voel dat ik mijn lichaam kapot maak. Maar dat weet de rest dus niet. Zullen ze nu niet denken dat er toch helemaal niets ernstig met me aan de hand is? Ik dans toch gewoon mee? Ik blijf later op dan sommige anderen die wel gezond zijn. Zullen ze nu geen verkeerd beeld krijgen, en denken dat het allemaal niet zo erg is? Zullen ze nog wel weten dat ik echt heel ziek ben? Zullen ze het wel blijven geloven? Mijn vriend, met wie ik mijn twijfels deel, wijst me er op dat ik niet zo moet inzitten met wat een ander denkt. Hij heeft gelijk. Ik heb me geamuseerd met mijn vrienden, dat is het belangrijkste. Maar toch, het knaagt aan me.

Zaterdag

Na een veel te korte nacht sleep ik mezelf uit bed. Het is zo zwaar, ik heb me gisteren veel te veel geforceerd. Ik voel me ellendig ziek. Ik heb een reusachtige kater, zonder dat ik alcohol heb gedronken. De mensen die ettelijke hoeveelheden van het spul hebben verzet, beginnen fluitend en licht als een veertje aan de dag. Ik voel me miserabel en loodzwaar.
Het gezellige samenzijn met andere mensen doet me wel deugd. Ik ben echt blij dat ik hier ben.

Met pijn in het hart zie ik de rest vertrekken voor een mooie herfstwandeling. Ik wou dat ik mee kon. Ik maak van de gelegenheid gebruik om bij te kletsen met een supervriendin en tegelijk ook lotgenootje. We hebben mekaar echt gevonden in onze strijd. Nadat we buiten zo’n honderd meter hebben gestapt, vallen we van uitputting neer, ieder in een zetel.
Gedeelde pijn… Hoe erg het voor ons allebei ook is, het doet goed om zo iemand te hebben.

Zondag

Vannacht is het minder laat geworden. Gisteren heeft zijn tol geëist. Als dank voor mijn uitspattingen word ik opgezadeld met een verschrikkelijke blaasontsteking. Ik heb deze nacht geen oog dichtgedaan van de pijn. ’s Morgens ben ik te zwak om me naar het ontbijt te begeven. Mijn vriend brengt me eten op bed, de schat. Het wordt me even te veel. Dan heb ik voor een keer de kans om iedereen nog eens te zien, en dan lig ik weer op bed, helemaal alleen.

Later komt een vriendin een kijkje nemen. Haar bezoekje troost me. Ik ben haar echt dankbaar. Nu er weer een deel van de vrienden gaan wandelen is, is het beneden wat rustiger. Ik verzamel de krachten die ik eigenlijk niet heb, en ga gezellig bij de thuisblijvers zitten. Het wordt een superleuke namiddag. Dit moment prent ik in mijn geheugen, om later opnieuw te beleven in gedachten.

Weer thuis gaat mijn lichaam uit de “survival-modus”, zoals ik het zelf noem. De adrenaline valt weg, ik moet niet meer volhouden en forceren. Daarmee vallen alle inspanningen van de voorbije dagen als een betonblok op mijn hele lijf. Armen en benen wegen als lood, spieren trillen, hoofd bonkt, misselijke maag, ik loop overal tegen van duizeligheid. Alles wat ik tijdens het weekend al voelde aan klachten, wordt nu nog duizend keer erger.

Ik maak de rekening:

  • verbruikte energie: veel te veel.
  • ingenomen pijnstillers en motiliums: ook te veel.
  • slaap: zeer groot gebrek.
  • lichaam geforceerd: voortdurend.

conclusie: de komende tijd zal ik nog zwakker zijn dan anders, ik zal een zeer dure prijs moeten betalen. En met een examen in het vooruitzicht kan ik dat echt niet gebruiken.
MAAR tegenover die prijs staat wel het plezier dat ik gehad heb. Het heeft mij zo’n deugd gedaan om eens van tussen mijn muren te zijn, om van een paar dagen samen met vrienden te genieten. Simpelweg een leuke tijd delen met zijn allen. Ik ben zo blij dat ik deze kans heb gekregen en dat ik ze gegrepen heb, ook al was ik me bewust van de gevolgen die ik nu draag.
I feel like shit, maar het was het waard.

 

Deel:

2 Reacties

  1. Lea
    10 november 2010 / 19:47

    Weer heel herkenbaar Sofie!
    Ik hoop dat je nog veel kan nagenieten van de positieve herineringen en dat de weerslag niet te lang zal duren.
    Ook nog veel succes met je examen!
    Veel liefs,
    Lea

  2. 11 november 2010 / 07:51

    Bedankt Lea (weeral ;-)), je bent een schat!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.


Zoek je iets?